dinsdag 18 maart 2008

Peru en slechts weinig tijd







Hello,
Nu over mijn tweede deel van de reis, Peru. Al van het begin voelde ik het nijpend tekort aan tijd, ik zal zeker terug keren naar Peru om alle dingen te doen die mij lokken maar waar ik un geen tijd voor heb: Nazca, de Colca Canyon, de incatrail naar Machu Picchu, etc. Ik heb maar weinig tijd maar gelukkig hoor ik de stem van mijn ouders achteraan in mijn hoofd “line je kan het niet allemaal willen” en “je moet leren tevreden zijn” en ze hebben dan nog gelijk ook. Ik ben ook super tevreden, niet te vergeten…
Zondag de 9e vertrok ik naar Cocabana (alweer), om van daaruit de dag nadien naar puno te reizen. In Puno is er niet zo heel veel te zien maar de eilanden in het titicacameer dicht bij Puno zijn prachtig. Op 11/03 vertrokken we met een “tour” naar de Uros eilanden. Dat is een groep van ongeveer 50 mini-strooien eilanden. Op basis van aardkluiten waar normaal riet op groeit bouwt men een eilanden van stro. Vroeger leefde men van visvangst, eenden, etc. maar nu er minder vissen zwemmen in het meer is men volledig afhankelijk van toerisme. En toeristen, die zijn er genoeg… Men dost zicht uit in kleurige traditionele kostuums en men verkoopt artesanaliteiten (bestaat dit woord?).
Na de Uroseilanden brachten we de namiddag door op het eiland dfasdf (moet ik even opzoeken). We kregen per 2 of 3 een familie toegewezen waarbij we de nacht doorbrachten. Een soort van "interculturele uitwisseling" zoals de gids dit noemde. Ik had wel de indruk dat de families het wel leuk vonden. Toch denk ik ook niet dat ze een overload aan toeristen wensen. We kregen een almuerzo van quinua soep, aardappelen en een ei. Men eet er bijna nooit vlees omdat ze daar geen geld voor hebben, enkel bij speciale gelegenheden slacht men een dier. Na wat voetballen met de kinderen van daar maakten een wandeling tot aan een heilige plaats (waar een kompas niet werkt), op het hoogste punt van het eiland. Prachtige uitzichten, foto´s zullen dat duidelijk maken. Het eiland is een en al rust en vrede. Geen auto´s, geen honden, enkel wandelpaadjes, kleine huizen, de natuur en het meer. Erna kregen we avond eten, terug een soep, rijst en groenten. Eenvoudig, lekker en gezond. (maar meer dan een week zou ik het toch niet uithouden) De familie was heel gastvrij maar ook heel verlegen, hun spaans was niet al te vlot, men spreekt normaalgezien quechua. Telkens als ik iets vroeg giechelde de vrouw als een jong meisje. Het is duidelijk dat een levenlang op een vredig eiland, met enkel je werk op het land, je familie en je medemensen uit de gemeenschap een andere levensvorm met zich meebrengt dan wij gewoon zijn. Je behoeften zijn ook helemaal anders. Velen noemen het “primitiever” (minder ontwikkeld) maar ik zou het zo niet noemen. Deze samenlevingsvormen zijn "anders", ze hebben kwaliteiten die onze manier van samenleven niet hebben. Bijvoorbeeld het leven in de gemeenschap, weinig is gebaseerd op geld, de eenvoud, etc. ´s Avond probeerden we de traditionele kledij en dansen... Wat denk je van mij als cholita??


De dag erna bezochten we het eiland Taquile. (foto van twee jongentjes in taquile) Dit eiland is bekend om zijn “socialistische” manier van samenleven, men leeft autonoom en er worden veel afspraken gemaakt binnen de gemeenschap. Bijvoorbeeld over de prijzen van de koopwaren wordt elke week door de leiders beslist. Men heeft een geheel eigen traditionele levensvorm. Alle mannen dragen een soort uniform, men wisselt cocabladen uit (uit een speciale burdel) bij elke ontmoeting. Vrijgezellen hebben een muts die voor de helft wit is en getrouwde mannen hebben een muts die volledig is gekleurd. (ideetje voor bij ons om vrijgezellen te herkennen?!) De chef van het eiland draagt een hoed! De mannen breien trouwens de mutsen!!!
Men is vrij verstandig om er de toeristen zo veel mogelijk buiten te houden, men heeft geen hotels maar je kan er wel overnachten bij families. Je kan er enkel vis eten, alle restaurants serveren hetzelfde en aan dezelfde prijs. Een kenmerk van de mensen op de eiland is ook dat ze eerder verlegen zijn, ze spreken stil. Niemand studeert echt lang op het eiland, iedereen werkt in landbouw, textiel, etc. Dokters bv. komen van Puno of men raadpleegt gewoon de oudste van het dorp. De meisje trouwen tussen 15 en 20 jaar, later dan 20 heb je nog weinig kans... Gelukkig woon ik niet op het eiland dus (stuur alle aangename, knappe, intelligente vrijgezellen naar karel miry 15 vanaf april!!).
We vroegen de bestuurder van de boot om ons terug te droppen op een van de Uroseilanden. Mijn compagnon wilde namelijk perse op een van die eilanden overnachten. ´s Avonds, als er geen toeristen zijn is het ook veel interessanter. We wilden een wandeling maken op het eiland maar zaten al vlug met ons voeten in het water. Op plaatsen waar geen toeristen komen zak je al gauw in de modder of zie je de grond onder je bewegen. De eilandbewoners moeten het eiland goed onderhouden, ze moeten constant nieuw riet of stro aanvoeren om de grond goed te houden. We hielpen even met een familie om het riet op het eiland te trekken. We peddelden zelfs rond in hun bootje, hoe leuk. Men moet hun huisjes ook regelmatig verplaatsen, om niet door de grond te zakken… De platformen zouden 1000 jaren oud zijn, maar het oudste eiland is slechts 70 jaar oud. Aparte samenlevingsvorm, de eilandjes zijn zo klein, er wonen telkens 10 tot 20 families op. Men kookt er op aarden vuurtjes, de kindjes op hun blote voetjes, de rieten huisjes, rieten kerk, rieten winkels, rieten boot (maar dit is enkel voor te toeristen, ze hebben houten boten), etc.


De volgende bestemming was Arequipa. En witte stad (beetje zoals sucre). Heel veel hebben we er niet gedaan. Het is "semana santa", de heilige week (en palmzondag) en dit was er aan te zien. Grote opkomst op het plein, het ronddragen van beelden, dit heb ik allemaal al eens gezien maar 100 keer groter in Valladolid. Hier koopt iedereen allerlei constructies in groene harde bladeren, deze vormen overwegend kruisbeelden (wij hielden het toch altijd bij een palmtakje?). Met deze dingen loopt men dan in de stoet, begeleid door plechtige gezangen.
We gingen ook een dagje raften, van niveau 1 tot 4. Was plezant, wel wat blauwe plekken aan overgehouden. We zaten met 3 in een bootje, waaronder de gids. Doordat het bootje zo klein is gaat het wel wat wilder. (tis iets anders dan cm-raften)
Op zondag bezocht ik een klooster ( "santa catarina"). Binnen de muren is het klooster precies een klein dorp. Straatjes met huisjes, pleintjes, fontein, etc. De nonnen hadden elk hun optrekje, met eigen (dikwijls grote) keuken, eigen bedienenden (1 a3). Er zijn natuurlijk ook andere tijden geweest in het klooster, men mocht niet praten, minder luxe, etc.


Maandagmorgen 17 maart kwamen we aan in Cuzco, waar Patricia (spaanse) ons vervoegde. Cuzco is een supermooie stad, ik zou hier graag enkele weken blijven. Als je rondwandeld kom je van het ene in het andere gezellige plein, de straatjes zijn super mooi, de bergen rond cuzco zijn indrukwekkend, uitzichten op cuzco ook... Het enige grote nadeel aan cuzco is dat het overstroomt van toeristen (zelfs nu in het laagseizoen), als je op restaurant gaat of in een bar zit je tussen bijna exclusief toeristen. Cuzco is ook superduur, men verhoogt de prijzen elk jaar van elke toeristiche attractie. Ook bussen, eten zijn veel duurder dan bolivia. Gister en vandaag bezochten we wat ruines, we gingen uit, etc. Morgen vertrekken we naar aguas calientes om van daaruit donderdag, vroeg in de morgen macchu pichu te bezoeken. Ben heel benieuwd.

besos
Line

Geen opmerkingen: